10-03-07

Voor, tijdens en na de massage: voorbereidingen

Voor de massage.

Zet alle benodigdheden klaar: kussen(s), handdoeken, olie, ev.poeder.

Zorg dat een goede houding mogelijk is tijdens het masseren. Masseer bvb op tafelhoogte zodat de rug recht blijft en de benen de krachten opvangen.

Was de handen en zorg dat ze droog en warm zijn.

Zorg voor een aangename omgeving. Goede temperatuur, veilige en prettige omgeving (niet voor het raam op een houte tafel).


Tijdens de massage.

Dek blote delen van het lichaam af met handdoeken als er niet gemasseerd wordt. Dit voorkomt afkoelen en is comfortabeler voor de gemasseerde.

Let op de werkhouding: een gedraaide kromme rug is een verzoek om rugproblemen.

Een massagebehandeling mag niet langer dan 45 minuten duren. Na langdurige massage moet de persoon rustig overeind komen en eerst even rechtop zitten om duizeligheid te voorkomen.

Houdt de stijk (zoals
effleurage) en kneedrichtingen (petrissage) in het oog. Zie hiervoor ook in het archief per berichten in de rechterkolom.


Na de massage.

Reinig de huid van de massageolie (bvb met een handdoek) en was uw handen.

Evalueer de massage nadat de persoon zich aangekleed heeft. Vraag of de massage ontspannend was en vraag naar suggesties. Het kan altijd beter, ga hier ook van uit.

Zorg voor voldoende rust. Een massage kan vermoeiend zijn. Vooral als men niet gewend is gemasseerd te worden, is het verstandig de intensiteit en duur aan te passen.


Een goede massage vraagt oefening, verwacht niet dat u na de eerste keer verbluffende resultaten behaalt.

25-09-06

De Effleurage of Strijking

Is het verschuiven van de vlakke hand of een gedeelte van de hand op het te masseren lichaamsoppervlak.

De richting waarin de hand zich verplaatst is meestal centripetaal, soms centrifugaal of in het verloop van de spiervezels. Uitzonderlijk wordt op de vezels dwars geëffleureerd.

Eerst gezonde en dan zieke weefsels.

 

 

Intensiteit:

  • Begin en einde: zacht
  • Tussenin: progressief stijgende intensiteit

Hand moet soepel glijden over het lichaamsoppervlak.

Effleurage geeft men altijd in 't begin, soms op het einde. Eventueel tussen andere grepen in.

Soorten effleurage:

- vlakke effleurage: met palmaire zijde van de hand; vingers soepel gestrekt en licht gespreid.

 

 

 

  • In lengterichting op de spiervezels: de ene hand volgt de andere op, meestal van distaal (onder) naar proximaal (boven).
  • Ook loodrecht op de vezels: de handen overkruisen elkaar.
  • Wordt gebruikt voor het behandelen van grote lichaamsoppervlakken (bvb. de rug)

- bracelet effleurage: Handen in ringvorm rond arm of been.

- met hiel van de hand: Men drukt hierbij in de diepte zoadt de intesiteit verhoogt; wordt gebruikt voor spieren bedekt met een fascia of spieren in een osteofibreuze loge + pezige loge. (Denk hierbij aan verschillende spiergroepen die aanhechten op een beperkte oppervlakte: bvb. de hand en onderarm)

- met de dorsale (rug) zijde van de vingers of kneukeleffleurage: Beginnen met een palmair gebogen pols en op het einde de pols strekken; intensiteit ligt hoger; voor spieren bedekt met een fascia of spieren in een soteofibreuze loge of pezige structuren.

 

 

 

- met vingertoppen: Met palmaire (binnen) zijde van de vingertoppen (1 of meer); voor kleine oppervlakken (bvb. aangezicht, tenen, hand)

 

 

 

FYSIOLOGISCHE UITWERKING

  • Indien zacht uitgevoerd: ontspannend en pijnstillend
  • Indien intenser uitgevoerd: werkt prikkelend of stimulerend
  1. Huid: veroorzaakt een hyperaemie in de huid en wordt zichtbaar door roodverkleuring. Lokaal wordt de voedingstoestand verbeterd, temperatuut stijgt met 5°, het herstelproces van de epidermis (= bovenste deel van de huid) wordt geprikkeld en zo wordt atrofie bestreden.
  2. Zenuwstelsel: werkt in op de prikkelbaarheid van de gevoelsuiteinden. Bij gewone druk : daling van de prikkelbaarheid. Bij sterke druk: stijging van de prikkelbaarheid.
  3. Bloedsomloop: enkel uitwerking met effleurage met zekere druk. Invloed op de doorbloeding. Druk op de spieren: invloed op bloedvaten én op de lymfevaten (verwijderen van afvalstoffen).